Posts tonen met het label MKB Nederland. Alle posts tonen
Posts tonen met het label MKB Nederland. Alle posts tonen

donderdag 15 oktober 2015

#sayyes

Veel mensen vragen zich af waarom mensen met een beperking afhaken in de maatschappij, het eerste deel van dit filmpje is hierin een tekenend voorbeeld. Want als er altijd wordt gezegd dat je iets niet kan, dat je niet mee kan doen, dat je niet welkom bent, dat je ongeschikt bent omdat je een beperking hebt..............




#Sayyes voor Tima en al die andere kinderen en volwassenen! 

Als we anders gaan kijken naar mensen met een beperking, en vooral ook naar kinderen met een beperking, kan de arbeidsmarkt daar veel voordelen uithalen. Want meedoen is niet alleen ‘JA’ zeggen, het gaat vooral ook om het accepteren van verschillen op de werkvloer, niet afschrikken omdat iemand er anders uitziet. Of afschrikken omdat iemand anders communiceert.

Babystapjes

De 100.000 verplichte banen zijn eigenlijk babystapjes op weg naar een nieuwe realiteit op de arbeidsmarkt, een inclusieve arbeidsmarkt waarin iedereen gelijke kansen krijgt en waar werkgevers geen ‘NEE’ zeggen omdat iemand een beperking heeft. Een arbeidsmarkt waar ieders talent even waardevol is, ongeacht inzetbaarheid of productiviteit. Want door samen te werken met elkaar, door kleine taken weg te halen bij mensen die ze als kiespijn kunnen missen en die bijvoorbeeld iemand met een verstandelijke beperking met plezier uit zal voeren, zijn beide partijen meer dan gediend.

Natuurlijk kunnen we zo niet alle arbeidsgehandicapten aan het werk helpen, maar dat is juist waar het om gaat. Want maar een klein deel van de arbeidsgehandicapten kan hiermee uit de voeten. Een veel groter deel, en ja velen daarvan vallen buiten de 100.000 banen doelgroep, wil gewoon binnen de eigen mogelijkheden volwaardig aan de slag. Een ‘JA’ horen als zij hun talenten aanbieden aan een werkgever. En of het dan gaat om iemand met een bedrijfseconomische opleiding die als accountant solliciteert en slechts 20 uur kan werken. Of een communicatie adviseur die doof is, daar moeten werkgevers doorheen leren prikken.

Hoe prik je er doorheen?

Misschien wel de meest essentiële vraag, hoe prik je als werkgever door de bijbehorende vooroordelen heen die komen bij mensen die net even anders zijn? En daar ligt juist de sleutel bij het filmpje van Tima, als scholen, sportverenigingen en anderen ‘NEE’ blijven zeggen, zal een beperking altijd als ‘vreemd’ worden gezien omdat kinderen met een beperking aan de zijlijn van de maatschappij worden geparkeerd. Met als gevolg dat zij (op enkele uitzonderingen na) als volwassenen ook in de schaduw achterblijven,

Door ‘JA’ te zeggen tegen kinderen met een beperking, leren komende generaties dat een beperking niet betekent dat iemand niets kan. Hoogstens dat je dingen anders doet, en dat geldt ook voor de werkvloer, want een beperking betekent niet dat je niets kan, wel dat je dingen veelal net even anders doet. Dus als de accountant minder uren kan werken door een spierziekte dan betekent dat niet dat hij zijn werk niet goed kan doen. Als een dove communicatieadviseur met gebarentaal communiceert, betekent dat niet dat zij geen verstand heeft van communicatie, eerder wel dat zij met haar bredere visie op communicatie het bereik van alle doelgroepen wil realiseren. En voor u als ondernemer dus nog meer potentiële klanten.

Zeg ‘JA’


Zeg 'JA' en maak het onmogelijke mogelijk! 
Door ‘JA’ te zeggen zal u ongekend talent binnenhalen, door creatief te kijken naar oplossingen zullen deze talenten optimaal kunnen functioneren binnen hun kunnen en daar kan uw organisatie ook gewoon aan verdienen. Want als mensen goed samenwerken is de productiviteit hoog, als mensen met creatieve oplossingen durven en kunnen komen heeft u daar als ondernemer voordelen van. En alleen al daarom is het nu al tijd om ‘JA’ te zeggen! 




Inclusie begint met accepteren van verschillen, omdat dat vooral gaat om in de spiegel te kijken, ben ik van harte bereid om u deze spiegel voor te houden

Het filmpje is gemaakt door Luk Dewulf uit België, als ouder van een kind met een beperking. 

maandag 25 mei 2015

Braking a bad track record

Zoals afgelopen donderdag geschreven, het arbeidsmarktbeleid in Nederland is het grootste deel van de 20e eeuw gefocust geweest op mannen. Op een model van eenverdieners die hun gezin moesten kunnen onderhouden. Daarbij hoorden dus ook fiscale vormen die dit ondersteunden. Dit beleid is pas eind jaren ’80 langzaamaan veranderd, met in de jaren ’90 een stimulans door het subsidiëren van kinderopvang. En toch, het bleek niet voldoende volgens de cijfers van de overheid.

Jaren van gevoerd beleid zijn niet zomaar te doorbreken, net als dat het in Nederland de gewoonte is een beleid af te meten aan de cijfers die een goede relatie op moeten leveren tot het effect. Wat we missen in Nederland is de keuze om vaker te kijken naar de opbrengst in relatie tot de maatschappij, zoals er bijvoorbeeld in Zweden wordt gekeken: Elke baan in de kinderopvang levert 3 werkende vrouwen op, en dat is toch een compleet ander perspectief dan het onze?

Denken in oplossingen

Om de participatiesamenleving vorm te geven is het noodzakelijk om te denken in oplossingen, niet het oplappen van beleid of het oppoetsen van een idee. Maar echt kijken naar de knelpunten en de mogelijkheden die oplossingen bieden bij die knelpunten, waarbij het lang niet altijd relevant is of het per se aansluit op de cijfers. Vooral als die cijfers worden aangestuurd door beleid wat men achter zich wil laten, de vraag is dan eigenlijk hoe kunnen we het roer compleet omgooien?

De maatschappij zoekt oplossingen voor problemen, dus als de overheid ervoor kiest om de kinderopvang minder te subsidiëren, maar werken wel noodzakelijk is voor vrouwen om bij te dragen om het gezin of zichzelf te onderhouden. Dan kiezen deze vrouwen ervoor om te blijven werken, misschien iets minder uren, en praktische oplossingen te zoeken voor de opvang. Denk aan de opa’s en oma’s, vrienden of bijvoorbeeld meer thuiswerken. Dit zijn oplossingen die niet per se in statistieken opduiken, simpelweg omdat het informele oplossingen zijn. En juist in die informele oplossingen zijn veel Nederlanders kampioen.

Inspelen op de burgers

Meer vrouwen willen werken, dat is een feit, maar de vraag die ik vooral om me heen hoor is hoe stel ik dat in het werk. En dat is niet alleen iets wat ik bij vrouwen hoor, ik hoor het ook van mensen met een beperking. Wat dan nog vaker zichtbaar is dat men terugvalt op het eigen netwerk, de mogelijkheden die er zijn om het binnen de eigen informele sfeer vorm te geven. Want een inkomen blijft noodzakelijk, dus werken ook en ja dan ga je als creatieve samenleving toch kijken naar andere oplossingen.

De participatiesamenleving en de arbeidsmarkt, eigenlijk is het voor zowel werkgevers als burgers interessant om dit meer te faciliteren. Waarbij kinderopvang goedkoper zou moeten worden en daar ligt een rol voor de overheid. Net als dat het voor bedrijven makkelijker moet worden om voorzieningen voor arbeidsgehandicapten te kunnen verkrijgen, zodat ze onderdeel worden van de reguliere arbeidsmarkt. Dit wil niet zeggen dat de rol van de overheid nu per se een bemoeizuchtige is, nee juist niet. De rol van de overheid moet faciliterend zijn, gericht op perspectieven en het verwijderen van knelpunten om deel te nemen aan de arbeidsmarkt.

Wat levert het op?

Elke politicus zal denken, wat levert het op als we zo gaan werken? Nou eigenlijk heel simpel, als het gaat om kinderopvang zijn het nieuwe banen en meer mogelijkheden om meer te gaan werken. Als het gaat om voorzieningen, ook meer werk om deze te produceren en meer inkomsten voor deze doelgroep waarmee ze meer kunnen besteden en dat de totale bestedingen door het aantal oplopende banen weer gaan groeien. En dat is nu het kijken naar de relatie tot de maatschappij en de opbrengst op de lange duur, het is immers net een dominospel! 






maandag 9 februari 2015

Hoe MVB het MKB kan stimuleren

Hoe vaak hoor je het niet de laatste tijd, ondernemers die het de hele crisis vol hebben gehouden maar nu het einde in zicht is toch het doek moeten laten zakken? Hoe vaak hoor je niet dat ondernemers begin deze eeuw nog gouden bergen werd beloofd door banken als het ging om leningen en mogelijkheden om deze met hele lage rentes af te betalen? Was dat niet hoe de crisis eigenlijk begon, speculeren met geld dat er eigenlijk niet was, de grote luchtbel die ineens uitelkaar klapte….

Recent besteedde Brandpunt aandacht aan de tuinders die voor 2008 nog flinke bedragen konden lenen bij de Rabobank omdat ze meer dan welkom waren als innovatieve en vooral groeiende ondernemers met een potentieel nog grotere afzetmarkt. Nu zijn we in 2015 en staat veel van deze bedrijven het water aan de lippen. Familiebedrijven die eerst mochten uitbreiden en nu ophouden met bestaan, met alle gevolgen van dien.

Terecht kritiek?

Is de geuite kritiek op de banken terecht, hebben ze de mensen teveel geboden en was het niet zo dat de bomen tot de hemel groeiden in 2007, ja daar ben ik wel van overtuigd. Natuurlijk hebben de banken geleerd van de crisis, natuurlijk heeft de Rabobank zijn schandalen gekend en natuurlijk heeft ING aan het staatsinfuus gelegen. Uiteraard is ons allen bekend dat ANB AMRO eigenlijk een staatsbank is. Maar toch, wat doen deze banken nu met de mensen die in de problemen komen door de beloofde gouden bergen.

In de uitzending van Brandpunt kostte het de Rabobank directeur grote moeite om antwoord te geven op kritische vragen op de schuld aan de kant van de bank met betrekking op de tuinders. Het kostte hem echt moeite om te antwoorden en eigenlijk is dat niet zo gek.

Maatschappelijk Verantwoord Bankieren

Want zoals vrijwel iedere ondernemer tegenwoordig aan Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen werkt, moeten banken ook Maatschappelijk Verantwoord Bankieren, laten we het MVB gaan noemen. Maar de vraag is of ze dat ook doen, want je hoort veel klachten dat er tegenover de bomen tot aan de hemel van voorheen, nu geen lening los te peuteren is bij de bank. En dat hoor ik vanuit allerlei sectoren, goede plannen te spijt, eigen vermogen ten spijt en bovenal ook verantwoord ondernemen ten spijt.

Misschien is het goed om als bank aan MVB te gaan doen, waarbij bedrijven die een financieel kader kunnen onderbouwen uit een MVO principe een streepje voor krijgen. Waarbij de MVO doelstellingen op financieel gebied een doorslaggevende factor vormen, want bij goed MVO beleid is er een duidelijk financieel kader. Een financieel kader wat voor meerdere jaren is uitgedokterd en dus voor de bank ook inzicht moet geven op de duurzaamheid van een investering.

MVB als motor voor het MKB

Want als banken MVB dan kunnen bedrijven uit het MKB weer groeien op basis van goed uitgewerkte plannen, waarbij financieel duurzaam beleid de kern vormt voor een toekomstperspectief. Waarbij familiebedrijven weer de kans krijgen om te groeien, maar groeien met mate en op basis van de vraag. Waarbij we de groeimarges misschien in iets kleinere proporties door moeten rekenen. Gewoon omdat bij MVO ook hoor dat je rekening houdt met tegenslagen, met buffers om de tegenslagen op te vangen. En daarbij hoort dus ook dat je voor een MVB bank dus met een goed plan en eigen vermogen niet tevergeefs hoeft aan te kloppen om te groeien!








vrijdag 16 januari 2015

Een mooie trend


Er is echt iets aan het veranderen op de arbeidsmarkt, iets ten positieve als het gaat om de invoering Participatiewet. En dat was gisteren te merken tijdens de netwerkborrel van People*s Business in Rotterdam, waar ik veel werkgevers uit het MKB heb gesproken. Waar je vorig jaar vooral nog weinig voeten aan de grond kreeg, is het dit jaar een hot item, hoewel veel werkgevers nog wel de neiging hebben om af te wachten. Maar is dat wel zo’n goed idee?

Juist voor het kleinere MKB vanaf 25 medewerkers geldt dat zij ook worden geacht om bij te dragen aan het vervullen van de banenafspraak. En juist binnen deze bedrijven is het van belang om ervoor te zorgen dat er ook de juiste mensen instromen die aansluiten bij de bedrijfsvoering. Wat veel MKB’ers zich echter niet realiseren is dit; de grote bedrijven als Achmea, ABN AMRO, Rabobank, Unilever en vele anderen vissen uit een vijver waar zij ook zullen moeten gaan vissen, en deze vijver is niet zo groot.

Een klein vijvertje

Voor veel kleinere MKB bedrijven, zeg even pakweg tussen de 25 en 250 medewerkers geldt dat zij vooral specialisten in dienst hebben, geen eigen catering en/of schoonmaakpersoneel in dienst. Dit maakt het aannemen van mensen uit de doelgroep SW wat lastig is, ze zullen mensen moeten zoeken die passen bij de bedrijfsvoering. En juist die doelgroep v.a. MBO is in de Wajong vrij beperkt, laat staan de instroom uit de Participatiewet, welke mogelijk nog wel even op zich kan laten wachten op dit niveau.

Om toch een bijdrage te kunnen leveren, ondanks de beperkte ruimte om mensen aan te nemen, is het aan te raden om te zoeken in de beperkte poele uit de Wajong. Dit heeft twee redenen, namelijk dat zij subsidie meenemen als ze beginnen en dat het tevens de kans biedt om toch mensen met een opleiding aan te nemen. Als men kijkt naar de vijver, dan zijn er circa 15.000 mensen in de Wajong die een HBO/WO opleiding hebben en ook nog werkzoekend zijn. Daarnaast zijn er naar schatting ergens tussen de 25.000 en 50.000 Wajongers met een MBO opleiding, waarvan zeker een derde hun opleiding niet heeft afgerond.

Complexe groep

Als MKB’er is het vooral van belang dat u de juiste mensen in dienst neemt, daarom zijn er enkele punten die u in gedachten moet houden bij het zoeken naar de juiste kandidaten:
  • Past deze persoon, met zijn/haar beperkingen binnen onze bedrijfsvoering,
  • Is een opleiding niet afgerond, kijk dan ook naar vaardigheden en (vrijwilligers) werkervaring,
  • Bespreek de instroom binnen uw organisatie en zorg voor medestanders.

Dit zijn de drie kernpunten die de kans van slagen vergroten en daarmee ook uw bedrijf voordelen kan halen uit de invoering Participatiewet.

Advies vragen is geld besparen

Als MKB’er is het verstandig, om ondanks kosten, toch advies te vragen aan experts op dit gebied. Want het UWV beschikt helaas te weinig over bedrijfsgerichte kennis en gewoon bellen met de vraag ‘heeft u een Wajonger’ leidt tot teleurstellingen van beide zijden. Daarom is het goed om hier goed op in te spelen, kennis te vergaren en als ik u mag adviseren dan zorg ik ervoor dat u in het vervolg zelf vooruit kan omdat ik sta voor het delen van kennis en ervaringen om de arbeidsmarkt een stapje vooruit te helpen!